REPORTAGE
Riorama 39 – september 2022
Ecologisch bemalen beschermt grondwatertafel
Onze grondwatertafel staat behoorlijk onder druk. De lange droogteperiodes door de klimaatverandering en de hoge mate van verharding zijn daar natuurlijk niet vreemd aan. Maar wat is de rol van bemalingen en vooral: hoe kunnen we hun impact op het grondwaterpeil verkleinen?
Volgens VUB-professor hydrologie Marijke Huysmans zijn er verschillende factoren die inspelen op het grondwaterniveau. “De klimaatverandering met lange droogteperiodes is maar een deel van het verhaal. Daarnaast telt ook hoe kwetsbaar we zijn voor die periodes van droogte. Zo zorgt de hoge verhardingsgraad in Vlaanderen ervoor dat water niet goed in de bodem kan infiltreren. Maar we zijn ook een dichtbevolkte regio met veel landbouw en industrie en dus een grote watervraag. Bovendien is ons landschap vooral ingericht op het snel afvoeren van water. Daarin moeten we een omslag maken en water proberen vast te houden in plaats van het zo snel mogelijk af te voeren. Op jaarbasis valt er voldoende neerslag. Als we die kunnen bufferen, kunnen we ons echt wel wapenen tegen die periodes van droogte.”
Verrassend veel bemalingswater
De beste plek om water bij te houden is in de grond, in het grondwater. Hoe hoger de grondwaterpeilen zijn wanneer er zo’n periode van droogte aankomt, hoe beter we er tegen bestand zijn.
Elk jaar wordt ongeveer 300 miljoen kubieke meter grondwater opgepompt. Ongeveer de helft daarvan is voor drinkwatervoorziening. De andere helft wordt verbruikt door industrie en landbouw. Daarnaast wordt jaarlijks voor meer dan 60 miljoen kubieke meter grondwateronttrekking vergund voor bemalingen. Die hoeveelheid komt dus in de buurt van de hoeveelheden die onze industrie en landbouw verbruiken.
“In het kader van het project “Herbronnen”, dat door Aquafin wordt getrokken en waarin Werfwater en de VUB partner zijn, hebben we berekend hoeveel water er in Vlaanderen wordt opgepompt door bemalingen. Toen de vergunde hoeveelheid 63 miljoen kubieke meter bleek te zijn, kon ik dat eerst amper geloven”, zegt Marijke Huysmans. “Het gaat dan nog enkel om de tijdelijke bemalingen. Permanente bemalingen, zoals bijvoorbeeld bij tunnels, zijn niet eens meegerekend. Ik was ervan overtuigd dat we ergens een berekenings- of interpretatiefout moesten gemaakt hebben. Maar na controle bleek dat het wel degelijk om zo’n grote hoeveelheid ging.”
“Vaak wordt grondwater bij bemalingen beschouwd als afval, iets waar je vanaf moet. Het onderzoek van de werkgroep “Herbronnen” toont met cijfers aan dat inzetten op duurzaam bemalen een verschil kan maken. Het argument dat bemalingen niet zoveel uitmaken en het vooral bedrijven en boeren zijn die grondwater oppompen, houdt hierdoor alleszins geen stand.”
“Ik kon amper geloven dat er zoveel water wordt opgepompt door bemalingen. Maar het klopt wel degelijk” –
Marijke Huysmans
Duurzaam bemalen
Minder water verliezen door veel duurzamer of ecologisch te bemalen is de boodschap. Hoe je dat aanpakt, legt de professor uit: “Er zijn verschillende manieren en er is een zekere prioritering volgens de bemalingscascade die ook de Vlaamse Milieumaatschappij naar voor schuift. Een eerste stap is proberen het volume te beperken. Bij heel veel bemalingen wordt er eigenlijk veel te veel grondwater weggepompt. Je kan dat bijvoorbeeld beperken door de duurtijd van de werf te verkorten maar ook door voortdurend het grondpeil te monitoren. Vaak wordt zo’n pomp gewoon aangezet en zolang de bouwput droog is, maakt niemand er zich zorgen over. Maar het zou wel kunnen dat men het grondwaterpeil veel verder aan het verlagen is dan strikt noodzakelijk. Om het opgepompte debiet nog veel drastischer te beperken kan je ook in een gesloten bouwput werken, met waterremmende wanden. Of er zijn ook meer innovatieve technieken zoals waterglasinjectie waarbij je de bouwput afgesloten maakt. Daardoor kan er niet continu grondwater in de put stromen.”
“Een tweede stap is retourbemaling. Dat is trouwens wettelijk verplicht als het technisch mogelijk is. Het principe is dat we het opgepompte grondwater terug in dezelfde waterlaag krijgen als waar het vandaan komt. Dat kan op verschillende manieren. Je kan het actief terug in de grond injecteren, maar je kan het opgepompte water bijvoorbeeld ook in een infiltratieveld of een infiltratiegracht lozen zodat het daar terug de grondwatertafel kan voeden.”
Voor retourbemalingen gelden wel enkele randvoorwaarden, bijvoorbeeld voldoende ruimte. Op een werf op het platteland is er die wellicht wel maar in een stadscentrum zal dat al wat moeilijker zijn. “Vaak zijn er ook kwaliteitsaspecten,” vervolgt Marijke Huysmans. “Zeker en opnieuw in een grootstedelijke context is er een redelijke kans dat het bemalingswater vervuild is. Dan mag je het niet zomaar terug in de ondergrond injecteren. Er zijn dus wel een aantal gevallen waar retourbemaling niet per sé mogelijk of wenselijk is, maar dat is het alleszins wel op veel meer plaatsen en in veel meer gevallen dan nu de praktijk is.”
Opgelet met hergebruik
Na beperken en retourneren, is het bemalingswater hergebruiken een derde optie. De kwaliteit van het water is dan wel een belangrijke barrière en moet heel goed gemonitord worden. Professor Huysmans: “Afhankelijk van de kwaliteit kan je aangeven waarvoor het water wel of niet mag gebruikt worden. In bemalingswater kan bijvoorbeeld redelijk wat ijzer zitten, wat op zich tamelijk onschuldig is. Maar als je er je terras mee gaat poetsen, dan krijg je overal ijzerplekken… En laat ons eerlijk zijn: we gaan ook geen 63 miljoen kubieke meter water kunnen hergebruiken door mensen die bij wijze van spreken met een emmertje of een gieter aan een container komen vullen. Ik zie zeker heil in hergebruik, maar dan vooral in situaties waar bijvoorbeeld op een grote werf in de stad het water ter beschikking wordt gesteld van de groendienst van de stad, een structurele afnemer met een grote watervraag dus. In zulke situaties denk ik dat hergebruik heel slim is, maar in andere situaties denk ik dat dat niet de beste oplossing is.”
In allerlaatste instantie, als beperken, retourneren en hergebruik de revue zijn gepasseerd, komt het lozen van bemalingswater in het vizier. Liefst in een infiltratievoorziening, als die er is. Vervolgens gaat de voorkeur naar lozen in een waterloop. Pas als al die opties zijn uitgeput, mag er geloosd worden in de riolering. “Zo is het voorzien in de wet. Helaas stellen we vast dat theorie en praktijk soms wat uit mekaar liggen. Velen beginnen de bemalingscascade aan de verkeerde kant en gaan standaard uit van een lozing op riool. Daar moeten we écht van afstappen”, besluit professor Huysmans.
Wat met bemalingswater?
Volume beperken
Retourneren
Hergebruiken
Lozen

