REPORTAGE
Riorama 24 – december 2018
Kentering nodig in het Vlaamse rioleringsbeleid
In oktober 2018 heeft het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) zijn rapport uitgebracht met de klimaatgevolgen bij een wereldwijde temperatuurstijging van 1,5°C of meer. In opdracht van Vlario bestudeerden KU Leuven en Sumaqua onder leiding van professor Patrick Willems de concrete gevolgen voor het rioleringsbeleid in Vlaanderen.
Klimaatverandering heeft een grote impact op onze rioleringen. Rioleringsoverstromingen kunnen tot acht keer vaker voorkomen tegen 2100 dan vandaag. Om onze rioleringen klimaatrobuust te maken, zullen we creatief te werk moeten gaan. Ook wordt gewezen op het belang van minder verharding, meer bronmaatregelen en een efficiënter ruimtegebruik.
Klimaatverandering zorgt niet alleen voor hogere temperaturen, ook neerslagpatronen veranderen. Deze studie onderzocht de impact van klimaatmodellen op neerslagpatronen en onze rioleringen. Aangezien klimaatverandering onzeker is, werd gewerkt met scenario’s. De studie beschouwde het worstcasescenario. De te verwachten klimaatverandering ligt bijgevolg tussen het huidige klimaat en de hier gerapporteerde cijfers.
Neerslagextremen
Klimaatmodellen geven aan dat de neerslaghoeveelheden in de winter tot 30% kunnen toenemen en zomers tot 50% droger kunnen worden. Intense buien, zoals zomeronweders, worden nog extremer en komen frequenter voor. Dat laatste is overigens al duidelijk waarneembaar in de metingen: de neerslagextremen van het afgelopen decennium liggen significant hoger dan de periode ervoor, met meer stedelijke overstromingen als gevolg.
Simulaties tonen aan dat een overstroming die zich nu eens in de twintig jaar voordoet in een gemeente, tegen 2050 elke vier jaar kan gebeuren en tegen 2100 zelfs om de twee en een half jaar. Dit betekent dat zo’n rioleringsoverstromingen zich acht keer vaker kunnen voordoen dan vandaag. De impact van klimaatverandering op nog extremere overstromingen die nu eens per 100 jaar gebeuren is overigens nog groter: die kunnen tot twintig keer vaker gebeuren tegen 2100.
Meersporenbeleid
Om onze rioleringen klimaatrobuust te maken, moeten we resoluut de kaart trekken van een meersporenbeleid: minder verharding, bronmaatregelen uitbouwen, een efficiënt en multifunctioneel ruimtegebruik en creatieve ontwerpen om ons te beschermen tegen de meest extreme wateroverlast.
Als we massaal inzetten op bronmaatregelen, zoals de verplichte regenwaterputten en infiltratievoorzieningen, kunnen we ons beschermen tegen overstromingen die zich ongeveer eens om de tien jaar zullen voordoen. Hoewel bronmaatregelen de meer extreme overstromingen niet kunnen opvangen, neemt hun belang alleen toe door klimaatverandering: ze kunnen wateroverlast wel grotendeels beperken, en bovendien vullen ze onze grondwaterreserves aan. Aangezien klimaatverandering ook langere periodes van intensere droogte met zich meebrengt, is het natuurlijk en grootschalig aanvullen van grondwaterreserves een belangrijk aandachtspunt voor waterbeheer.
Creatieve en adaptieve maatregelen
Om meer extreme overstromingen op te vangen, zijn creatieve en adaptieve maatregelen nodig. Voorbeelden zijn het gecontroleerd toelaten van water op straat of het multifunctioneel gebruik van open ruimtes als tijdelijke waterbuffer. Gemeenten en stadsbesturen spelen daarin een zeer belangrijke rol. Alleen door het inzetten op dergelijke maatregelen is een kostenefficiënt en klimaatrobuust rioleringslandschap haalbaar. Om dat mogelijk te maken, is een nauwe afstemming nodig tussen het ruimtelijk beleid en het waterbeheer. Ook moeten wettelijke kaders voorzien worden die dergelijke ontwerpen mogelijk maken. Een debat over de aanvaardbaarheid van water op straat lijkt meer dan ooit relevant.
Naast het voorzien van dergelijke ingrepen blijft het vermijden, terugdringen en afkoppelen van verharding een belangrijk streefdoel. Ontharden en verharde oppervlakken afkoppelen van de riolering is efficiënter dan het voorzien van bijkomende buffering. Het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen deelt alvast die visie over creatieve groenblauwe oplossingen en verharding, maar mist nog cijfermatige doelstellingen over verharding en een concrete vertaling naar de praktijk. De auteurs roepen dan ook op om het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen op het vlak van waterbeheer voort uit te werken.
Tekst en illustraties Vlario

